Overtuigend spreken: tips und trucs
17/08/2010 Een reactie plaatsen
Expressie en emotie
Geen betere instrumenten om mee te overtuigen dan je stem en je lichaam. Er bestaan nogal wat sites en misschien wel nog meer boeken over verbale en non-verbale communicatie. Voor iedereen die ermee aan de slag wil, hieronder enkele praktische aanwijzingen, opgesplitst in ‘woord’ en ‘gebaar’. Ten slotte ook nog enkele strategische afwegingen.
Woord – en niet-woord
Articuleren
spreek elk woord uit, slik geen lettergreep in. Vermijd platte taal, is hooguit toegestaan om een punt te maken. Vermijd stopwoorden als ‘zeg maar’.
Toon
een gevarieerde toonhoogte houdt je publiek bij de les, monotoon spreken werkt als een slaapliedje.
Snelheid
je snelheid van spreken, of je tempo is een belangrijke element van je speech. Tussen 140-160 woorden per minuut is normaal voor een overtuigende toespraak. Ga je sneller, dan word je al snel onverstaanbaar en niet te volgen; ga je langzamer dan lijkt het of je een college staat te geven. Het oor en brein kunnen tot 400 woorden per minuut volgen – dus ga je langzaam dan verliest je publiek zijn concentratie.
Neem jezelf een of twee minuten op met een dictafoon (in elke gsm) en tel vervolgens het aantal woorden dat je gebruikt in een minuut.
Pauze
de pauze of ceasuur is een essentiëel persuasief instrument. Het is ook een van de moeilijkst toepasbare. Als je een bepaald woord wilt benadrukken, of een bepaalde visie – pauzeer dan een seconde voor je het uitspreekt. Hiermee geef je er een bijzondere nadruk op. Wil je werkelijk scoren, pauzeer dan voor en na!
Volume
is een ander trefzeker instrument voor een overtuigende speech. Maar je moet er voorzichtig mee omgaan. Een hele speech op de toppen van je stembanden is uiteraard niet handig, maar af en toe een raak geplaatste uitroep is net zo effectief als de pauze, alleen minder dramatisch.
Stemkwaliteit
het gaat hier om het totaal aan karaktertrekken van je stem: de toonhoogte, de diepte of ondiepte, de soeplesse, de zachtheid of hardheid, de indringendheid of de voorzichtigheid – al die zaken samen bepalen de stemkwaliteit. Hiermee onderscheid je je van andere sprekers. Je kunt dit overigens goed oefenen.
Variatie in snelheid en toon
dit is misschien wel het allerbelangrijkste instrument voor elke spreker. Een van de overtuigendste sprekers was Winston Churchill. Hij kon als geen ander versnellen en vertragen. Hij kon beginnen met een trage, lakonieke stem en daarna plotseling overschakelen naar een veel sneller tempo.
Verander van toon, volume en snelheid minstens elke 30 seconden, desnoods voor maar 1 woord. Spreek nooit meer dan een alinea uit zonder vocale variatie. Hierdoor houd je je luisteraars gevangen in je verhaal, simpel omdat het interessant klinkt. Laat de woorden voor zichzelf spreken, en probeer hun karakter met je stem te onderstrepen. Dus als je bijvoorbeeld ‘stinken’ zegt, spreek het dan ook uit alsof je de stank in je neus hebt. Als je ‘liefde’ zegt, laat er dan ook warmte uitspreken. Als je zegt ‘ontploffen/ontploft’ zorg dan ook dat het klinkt als een explosie en niet als een toevallig vallend boomblad.
Gebaar: de taal van je lichaam
het lijkt een open deur, maar dat is het ’t niet. Rechtop staan, schouders naar achteren, voeten gespreid, maar niet te ver: je straalt zekerheid uit. Sta je met hangende schouders en/of met gekruiste benen dan maak je niet de meest zekere indruk. Als je onzeker overkomt, zal je publiek je boodschap niet accepteren. Maar er zijn ook subtielere expressiemogelijkheden.
Voorhoofd: wel of geen interesse
spieren tussen wenkbrauwen optrekken: oprechte verontwaardiging; iets echt menen. Weinig beweging aan voorhoofd: weinig emotie = ongeïnteresseerd overkomen.
Ogen: zijn of niet-zijn
veel naar beneden kijken tijdens het praten: vorm van onzekerheid. Hiermee geef je aan te zoeken naar het juiste gevoel en jezelf mentaal toe te spreken. Dit maakt je eerder onzichtbaar dan publiekgericht. En dus minder overtuigend.
Handen: zelfvertrouwen
‘dakje’: handgebaar waarbij de vingers van de ene hand rusten tegen die van de andere hand. Soms beweegt het dakje als een spin die drukoefeningen op een spiegel doet. Straalt zelfvertrouwen uit of belangrijker voelen dan anderen. De spreker gelooft in zichzelf.
Veel praten met de handen naar voren en open: openheid en acceptatie.
Friemelen aan vingers, de ‘Prince-Charles’-houding. Verraadt zenuwen en ongemakkelijkheid.
‘Heb-hele-grote-bloemkolen-handen’-gebaar”: handen met de palmen naar je toe gericht op 30 cm voor de borst. Hhiermee maak je ruimte voor jezelf – voor je partij, voor je standpunten. Ook een manier om het belang van iets aan te geven.
Armen: overtuigen of afweren
‘leunen’ met wijde armen op de desk. Houding die ook apen soms aannemen wanneer ze overwicht of mannelijkheid willen tonen.
Spreken met je armen over elkaar, wil zeggen dat je niet openstaat voor je toehoorders.
Je strategie: blijf rationeel en vooral geloofwaardig
Als je iemand wilt overtuigen, moet je eerst jezelf ‘verkopen’ voor je je boodschap verkoopt. Als mensen voelen dat je niet redelijk bent of rationeel, heb je geen enkele kans. Je moet betrokken zijn bij/overtuigd zijn van de doelstelling, de idee en de doelen van je toespraak en de woorden die je uitspreekt. Zeg nooit dingens als ‘misschien’, ‘wellicht’, ‘eventueel’ – gebruik positieve woorden als ‘zal’ en ‘moet’ en ‘zeker’.
Als je wilt overtuigen, en dat wil je, besef dan dat jij daar staat als autoriteit. Zorg er dus voor dat je beschikt over meer dan genoeg achtergrond informatie om je punten te onderbouwen. Je publiek heeft het snel door als je niet volledig in je onderwerp ‘zit’. Zorg daarnaast ervoor dat je geloofwaardig overkomt – zelfs als je een pijnlijk of ingewikkeld onderwerp aansnijdt.
Als je niet geloofwaardig overkomt, ook al is je boodschap voor 100% waar, zal je publiek twijfelen aan je woorden.
Emotie is een machtig wapen voor elke redenaar. Je lichaam en je stem moeten precies passen op je woorden. Gebruik je sterke woorden, krachtige taal, dan moet dat ook blijken uit je lichaamstaal.
Gebruik je slides (powerpoint), zet die dan in ter illustratie – letterlijk – bij je woorden, aarzel niet om korte filmpjes in te lassen als dat nuttig zou kunnen zijn. Maar werk niet met bullet-points: je bent er niet om een college te geven of een sales-training. Probeer ook eens een andere vorm dan powerpoint. Bijvoorbeeld Prezi
Wil je meer weten? Kijk eens hier:
www.prezi.com
www.Lichaamstaal.nl
www.lichaamstaal.startpagina.nl